Home » blog

B&B La Casita Azul

Zondag, 28 januari 2018

DE JACHT OP WINDMOLENS

Ik heb een stel levende bewegingsdetectoren in m'n tuin rondrennen. Inbraaktechnisch gezien helemaal geweldig. Ongezien op mijn terrein komen? Vergeet het maar. Als je alleen nog maar vaag naar mijn huis loenst, staan ze al in de startblokken, ijsberend, kwijlend en de hele boel bij elkaar blaffend. Op zondag is dat echter wat minder geweldig. Dan verandert namelijk het rustige Asturiaanse platteland in een ware warzone. Uit alle hoeken en gaten komen honderden jagers tevoorschijn, met fluoriscerend gele of oranje hesjes aan, geladen geweren over de schouders, walkie talkies en lange rijen jeeps met kleine aanhangwagentjes, tot aan de nok toe gevuld met jankende jachthonden. En die hele optocht staat dan direct naast je huis, 3x raden wat er dan met mijn harige bewegingsdetectoren gebeurt. Totale hysterie. Zou ik het liefst naar buiten willen stuiven en die moordlustige gasten de laan uitsturen, maar geloof me, met jagers wil je hier in Spanje geen problemen hebben (en dan druk ik mij nog voorzichtig uit, want er zal toevallig maar net 1 handige Harry bijzitten die wel Google Translate weet te gebruiken en dit Hollandse stukje gaat lopen vertalen, moeten m'n honden voortaan met kogelvrije vestjes de tuin in of moet ik Kevin Costner gaan inhuren als mijn bodyguard)

 

Deze zondag heb ik even geen zin in dat hele circus voor m'n huis. Het is een schitterend winters weertje, knisperend koud en strakblauw. Ik zeg “Schat, we gaan gezellig een stukje rijden. (gamend kindje vanachter de Play Station wegsleurend) We zoeken 't hoger op.” Ik wil wel even bij die joekels van windmolens kijken, die hier bovenop de bergen staan. Ze lijken zo dichtbij, moet toch heel makkelijk zijn, denk ik nog, maar het wordt een hopeloos hoofdstuk à la Don Quichot die tevergeefs windmolens najaagt. Schitterende vergezichten, dat dan weer wel, hele mooie slingerweggetjes, maar als je aan je ene kant een rotswand hebt en aan je andere kant een steile afgrond, zit je niet te lachen als blijkt dat je toch weer het verkeerde paadje gekozen hebt en je ergens moet zien te draaien. En dan doet blauwe Moppersmurf naast me er nog een schepje bovenop. “Mam, dit is belachelijk, ik wil hier echt niet doodgaan hoor! Krijg hier hoofdpijn van.” (het puberale drama begint al vroeg) De sfeer zit er dus meteen lekker in.

 

Na de 4e berg heb ik dan toch een weg in dit labyrint van kansloze bergpaadjes gevonden, die ons daadwerkelijk naar de windmolens leidt, maar het gezicht van mijn blonde boterletter staat op onweer en ik moet inmiddels hoognodig plassen (nee wildplassen is geen optie, kale bergen dus zero privacy) bovendien komen we ook daar hordes jagers tegen, zelfs bovenop die eenzame bergtoppen, met afgeschoten babyzwijntjes achteloos op de motorkap vastgebonden. Toen was ik er eigenlijk ook wel klaar mee. Die molens lopen niet weg. Gaan we andere keer wel van dichtbij bekijken. Vamos a casa oftewel let's go home. “We gaan wel een appeltaart bakken, is ook heel goed voor die hoofdpijn van je,”zeg ik tegen Moppersmurf. Krijg meteen een big smile terug.
Soms gaat er weleens een excursietje de mist in. Is het niet je dag. (of maand) Kan gebeuren toch. That's life.
Volgende maand is godenzijdank het jachtseizoen weer afgelopen. Kunnen de kogelvrije vestjes af en mijnheer Costner weer uit het gastenverblijf. Hele dag zo'n woest aantrekkelijke man om je heen werkt ook op je zenuwen.

 


Zaterdag, 18 november 2017

STUWMEREN IN HERFSTKLEUREN

Als je mij vraagt naar mijn favoriete jaargetijde, antwoord ik zonder twijfel HERFST. Ben er in geboren, voel me er thuis, de warme kleuren, het zachte licht, de melancholie. En als ik dan ook nog eens een week heb met strakblauwe luchten en aangename temperaturen, dan sta ik te popelen om erop uit te gaan, want dat kan namelijk ook zo veranderen hier in het hoge noorden van Spanje.

Ik had op Instagram een foto gezien van een mooi stuwmeer vlakbij Tineo, paar Google minuten later kom ik er achter dat er dus 2 stuwmeren vlakbij m'n huis zijn, waar ik nog niet eerder van gehoord had (hoe kan dit??). Nou ja, 'vlakbij' is in dit geval een relatief begrip. Alles is hier hemelsbreed heel vlakbij, maar tussen mij en de rest van de wereld liggen rijen heuvels en bergen en tenzij je George Clooney heet en met je eigen chopper overal overheen kunt vliegen, zul je toch echt zigzaggend er omheen moeten rijden. En dan doe je dus zomaar een uur over een paar luttele kilometers. Dan is 'vlakbij' ineens 'best wel ver weg'. De stuwmeren liggen op 38 km afstand van onze casita en daar gaan we dus een klein uurtje over doen, vertelt de GPS. De 2 meren liggen vlak bij elkaar (heel handig), het weer is fantastisch en het landschap afwisselend. (dat laatste vertel ik er zelf maar even bij).

Mijn blauwe moppersmurf gaat natuurlijk ook gezellig mee op excursie, ook al is het huiswerk nog niet af. Ik beloof 'm kroketten en gratis wifi ergens onderweg. Werkt altijd.
Vanaf onze oprijlaan rijden we zo naar boven, naar het hoogste punt op de heuvel met fantastisch uitzicht over de vallei, om vervolgens via smalle weggetjes, tussen de boerderijtjes en de graanschuren door, weer aan de andere kant beneden uit te komen. Landelijker kan haast niet. En geen tegenliggers, geluk is aan onze kant. Daarna nemen we de nationale weg richting Tineo, eerste stuk is bosgedeelte, prachtig dat gefilterde zonlicht en al die neerdwarrelende blaadjes om ons heen, lijkt wel alsof we met confetti onthaald worden! Daarna verlaat je de beboste heuvels en kom je in een soort vlakte terecht, ineens ook meer verkeer en zelfs een industrieterrein. Daar houden we niet van. Stadje Tineo laten we nog even rechts van ons liggen, ik wil liever meteen door naar 1e stuwmeer. Ik geef 't eerlijk toe, dacht eerst nog, dat meer kan niet veel soeps zijn, want ik vind deze vlakte eigenlijk helemaal niks, maar dan gaat de weg steeds verder naar beneden en dan zit je verrassend genoeg toch weer ineens tussen de rotswanden en de heuvels en voilá, stuwmeer nummer 1 aan uw linkerkant. 

Embalse de La Florida of ook wel Embalse de Pilotuerto genoemd. Tja, wie die namen bedacht heeft, zal ook wel een appelwijntje teveel gedronken hebben. Maar een idyllisch plekje, eerlijk is eerlijk. Geen zuchtje wind, water als een spiegel en dan dat mooie najaarslicht erover heen. En wat een stilte. Op die paar langsrijdende auto's na dan...Hadden de autoweg ff wat verder weg moeten aanleggen. Langs het meer gelopen, op een terrasje in de zon een chocomelletje besteld en daarna weer on our way.

Eigenlijk hadden we toen meteen daarna stuwmeer 2 moeten gaan bekijken, maar ik had kroketten met wifi beloofd en aangezien hier alle keukens tussen 16.00 en 20.00 uur dicht gaan (zoooo onhandig, kan er niet aan wennen), toch maar eerst even terug naar Tineo gereden. Zowaar een moderne cafetaria gevonden met gratis wifi én vegetarische gerechten (Bar El Balagar) Moet niet gekker worden. Weer eens wat anders dan de eeuwige ensalada mixta. Heerlijk stoofpotje met spinazie, kikkererwten, rode bieten, aardappels en mega veel knoflook. Na het eten alsnog door naar het 2e stuwmeer.

Wat betreft zonlicht zijn we aan de late kant, zon verdwijnt al bijna achter de heuvels, maar man, wat is dit de moeite waard! Dat 1e stuwmeer is eigenlijk gewoon een vijvertje vergeleken bij deze jongen. De rivier Narcea stroomt door deze meren heen en is de op 1 na grootste rivier van Asturias. Beide stuwmeren worden gebruikt voor het opwekken van elektriciteit. Wist je dat stuwmeren door de mens gemaakt zijn en dat het ontstaan daarvan vaak met ophef gepaard ging? In sommige gevallen werden er namelijk hele dorpen onder water gezet en moesten daarvoor mensen gedwongen uit hun huizen gezet worden. Ging meestal om oudere mensen uit arme boerendorpen. Op sommige plaatsen in Spanje komen door de toenemende droogte en de extreem lage waterstand weer resten van deze dorpen tevoorschijn.

Ok, dat was even een National Geographic momentje tussendoor. M'n blonde boterletter wordt inmiddels helemaal gallisch van zijn moeder die overal wil stoppen om een foto voor Insta te maken en als we nog voor donker thuis willen zijn, zullen we nu toch echt de stuwmeren moeten verlaten. Via een binnenweg steken we door naar Salas en langs de Camino Primitivo terug naar La Espina.
"Mam, zijn we er al bijna?"
"Ja schat, we zijn vlakbij huis."
Maar m'n moppersmurf is niet van yesterday, die checkt de GPS en ziet dat 'vlakbij huis' nog een uur rijden is..